Om betekenisvol met elkaar te kunnen communiceren, gebruiken we in onze beeld- en woordtaal verschillende associaties, betekenissen en symbolen die we allemaal herkennen. We begrijpen elkaar pas wanneer we bekend zijn met de gemeenschappelijke verhalen erachter. Zo kennen we allemaal de symboliek van een rode roos, of de diverse betekenissen van het woord ‘vader’. Het beeld bovenaan de pagina is hiervan een illustratie.

Het verhaal achter de pagina-illustratie

De drie gezichten zijn in één lijn op papier gezet, zoals een doorlopende verhaallijn die als een rode draad door ons leven loopt. Door onze verhalen begrijpen we elkaar, herkennen we onszelf, en voelen we ons met elkaar verbonden.

De achtergrond bestaat uit verschillende lagen, zoals we ook vinden van onze persoonlijkheid:

Een vel perkament is de antieke drager van verhalen. We associëren een geschreven document van perkament met ‘plechtig’ en ‘belangrijk’, en de status ervan wordt vaak nog benadrukt door toevoeging van een persoonlijke waszegel.

De voetafdruk in het zand symboliseert de indruk die verhalen achterlaten. Een indruk die door het water zomaar kan worden weggespoeld, want verhalen ontstaan, veranderen en verdwijnen voortdurend.

De Japanse tekens zijn onderdeel van een death poemeen beknopt levensverhaal of een inzicht die mensen soms vlak voor hun naderende dood in haiku-vorm aan het papier toevertrouwen.

En de tekst is onderdeel van mijn persoonlijke onderzoek naar verhalen: hoe ze ontstaan, kunnen bepalen wie je bent, een cultuur kunnen vormen en sturen, en de rol die taal daarin speelt.